Selecteer een pagina

Als Gertrude van Santvoord een ochtendje weggaat voor Nordic Walking, zet ze een kommetje soep klaar op het aanrecht voor haar man Ton. Om kwart voor twaalf vertelt robot Tessa hem om de soep op te warmen. Een half uur later herhaalt Tessa de boodschap. „Het dringt vaak pas tot Ton door als hij een boodschap twee keer hoort.”

Haar man is dementerende. Sinds een jaar hebben ze Tessa in huis, een kleine vriendelijke robot waar een plantje uit het hoofd groeit. Via een app kunnen mantelzorgers boodschappen inspreken voor hun naasten, die bijvoorbeeld aangeven of ze moeten opstaan, eten moeten maken, medicijnen moeten gebruiken of een afspraak hebben. De robot kan zo structuur aanbrengen in het leven van dementerenden, maar ook van bijvoorbeeld autistische jongeren.

„Ik kan zonder Tessa niet meer een hele ochtend weg”, zegt Van Santvoord. „Mijn man vergeet waar ik ben. Dus als ik even naar de winkel ga, dan zorg ik dat Tessa hem dat kan vertellen. Het werkt veel beter dan opschrijven, want hij onthoudt toch niet dat er een briefje ligt.”

Het echtpaar Van Santvoord kreeg Tessa vorig jaar in een proef met zeventig robots door thuiszorginstellingen in Brabant en rond Nijmegen. Deze week begint de plaatsing van nog eens vijfhonderd Tessa’s. Tessa komt daarmee uit de pilotfase, waarin veel zorgrobots blijven steken.

Meer kwalitatieve zorg

Hoewel zorgrobots een grote toekomst wordt voorspeld in adviezen en overheidsnotities, worden ze nu nog niet op grote schaal toegepast. Twee weken geleden schreven de zorgministers Hugo de Jonge (CDA) en Bruno Bruins (VVD) in hun Actieplan Werken in de Zorg dat e-health een van de manieren zal moeten zijn om het grote personeelstekort in de zorg te bestrijden. Robotica en domotica (met behulp van sensoren op afstand bedienen van functies in een huis of meten van medische gegevens) zijn daar belangrijke onderdelen van.

Adviesbureau KPMG rekende vorig jaar uit dat binnen vijf jaar 30 procent van de repeterende taken van thuiszorg kan worden overgenomen door robots, in 2040 zelfs zestig procent. Vooral door ze in te zetten bij 80-plussers. De tijd die bespaard wordt, zou volgens KPMG huisartsen en zorghulpverleners veel meer de kans geven kwalitatieve zorg te bieden.

Rond de universiteiten van Eindhoven, Delft, Enschede en Nijmegen ontstonden de afgelopen jaren start-ups die zorgrobots ontwikkelen. Dat gaat van ‘sociale bots’ als Tessa tot grijparmen bij rolstoelen of speelrobots om ouderen in beweging te krijgen. De ontwikkelaar van Tessa, Tinybots, komt voort uit de TU Delft en de VU in Amsterdam. „Wij zijn in 2015 als bedrijf begonnen”, vertelt oprichter Wang Long Li.

Langzame invoering

Tessa kan als maatje nog nauwelijks terugpraten, ze spreekt alleen boodschappen uit. „Spraaktechnologie is in het Nederlands daarvoor nog niet genoeg gevorderd”, zegt Wang Long Li. „Maar we werken er wel aan.”

Ook is Tinybot bezig met sensoren waardoor Tessa kan bepalen of de patiënt is gevallen of op een raar tijdstip richting de buitendeur loopt. Wang Long Li: „Dan kan Tessa een waarschuwing uitspreken: ‘het is 23.00 uur ’s avonds en de winkels zijn dicht’ om te voorkomen dat mensen gaan dwalen.”

De invoering van nieuwe technologieën als robotica verloopt vrij langzaam. „De opschaling gaat veel minder hard dan wij eerder verwachtten”, zegt Marc Kalf, innovatiemanager van Health Valley, een netwerkorganisatie voor zorgorganisaties waar universiteiten en hogescholen, overheden, zorginstellingen en bedrijven in samenwerken. „Bij veel zorginstellingen zie ik een strategie ontbreken, het management weet niet goed hoe ze de robots moeten inpassen in de dagelijks zorgprocessen”, zegt hij. „Ze hebben ook moeite om financiering te regelen en zorgverzekeraars te overtuigen dat het niet tot hogere kosten leidt. De robots die nu op de markt komen zijn goedkoper en we trachten de toegevoegde waarde wetenschappelijk te onderbouwen, dat moet helpen.”

Tessa kost omgerekend 1 euro per dag. Afnemers nemen een abonnement voor drie jaar dat 1095 euro kost. Bij concurrenten ligt de aanschafprijs tussen de 6.000 en 15.000 euro. Tinybots verkoopt een abonnement op het cloud platform en de service. Daar ligt veel meer de technologische kracht dan in het robotje zelf. Daar komen de boodschappen terecht die mantelzorgers hebben ingegeven. Wang Long Li: „Uitbreiding van de mogelijkheden zal ook vooral in de software van dat datacentrum liggen, bijvoorbeeld door informatie van Tessa te koppelen aan het dossier van de zorginstelling.”

Een grote belemmering ligt in angst van zorghulpverleners dat technologie hun banen vervangt. Wang Long Li: „Dat wordt vaak gevraagd. ‘Nee’, is ons antwoord. Personeel en mantelzorgers kunnen door Tessa meer echte aandacht aan mensen geven.”

Maatjes

Dat blijkt ook uit onderzoek dat de Hogeschool Arnhem Nijmegen door studenten heeft laten uitvoeren naar de ervaringen met Tessa. „Een groot deel van het succes van Tessa is dat de ouderen haar als een maatje beschouwen”, zegt onderzoeksleider Marian Adriaansen. „Daardoor wordt ze beter geaccepteerd dan een iPad, die ook de boodschappen van een mantelzorger kan doorgeven. Mantelzorgers blijken zich ontlast te voelen. Niet dat ze per se minder tijd besteden, maar omdat ze een groter gevoel van veiligheid hebben omdat ze niet voortdurend hoeven te denken of hun verwante wel heeft gegeten of afspraken niet is vergeten.”

Zorginstelling Brabant Thuiszorg, dat sinds juni vorig jaar twintig Tessa’s in gebruik heeft, zegt dat tijdsbesparing voor personeel niet het doel is. „Voor ons is Tessa erop gericht dat het mogelijk wordt dat mensen langer thuis blijven”, zegt locatiemanager Anita van Hoof. „We zien nu dat mantelzorgers verwachten dat hun verwante langer thuis kan blijven.”

BRON: NRC