Selecteer een pagina

De slokdarm is een gespierde buis van ongeveer 25-30 cm lang die de mond-keelholte verbindt met de maag. Het grootste deel ligt achterin de borstholte tegen de wervelkolom.  In de borstholte tussen beide longen bevinden zich naast de slokdarm andere belangrijke organen zoals de luchtpijp met zijn vertakkingen naar beide longen, het hart en de grote bloedvaten.  De slokdarm dient voor het transport van voedsel van de mond naar de maag en werkt zelfs tegen de zwaartekracht in.

Slokdarmkanker komt meer voor bij mannen dan bij vrouwen. De laatste jaren lijkt slokdarmkanker bij vrouwen toe te nemen. Het merendeel van de mensen die slokdarmkanker krijgen, is ouder dan 50 jaar.

Er bestaan verschillende typen kanker van de slokdarm. Deze zijn te herkennen aan de soort cellen waaruit de kwaadaardige tumor is opgebouwd.
De meest voorkomende vormen van slokdarmkanker zijn:

  • Het plaveiselcelcarcinoom van de slokdarm: deze tumor ontstaat in de plaveiselcellen. Deze cellen vormen de bovenste laag van het slijmvlies in de slokdarm. Een plaveiselcelcarcinoom ontstaat meestal boven in de slokdarm.
  • Het adenocarcinoom van de slokdarm: deze tumor ontstaat in het klierweefsel. Een adenocarcinoom ontstaat vrijwel altijd onder in de slokdarm.

De klachten die bij een slokdarmkanker kunnen optreden zijn:

  • Vast voedsel zakt niet goed weg (in een later stadium ook vloeibaar voedsel)
  • Gewichtsverlies

De klachten bestaan meestal pas kort (enkele weken) en nemen vrij snel toe in ernst. In sommige situaties kan een patiënt vrijwel niets meer eten of drinken.