Seksueel verlangen


In een relatie kan er bij één of beide partners een verandering optreden in het verlangen naar seksualiteit. Wanneer beide partners plotseling meer zin krijgen om te vrijen, is dat meestal geen probleem. Hebben beide partners echter minder zin om te vrijen dan ze gewend waren of heeft de één minder zin dan de ander, dan kan dit als problematisch worden ervaren.

Wat is normaal?
Voor veel mensen ligt de norm voor hoe vaak een mens zin 'hoort' te hebben in vrijen op twee keer per week. Dit geldt in ieder geval voor heteroseksuele relaties, in lesbische en homoseksuele ligt deze norm minder vast. Dit soort innerlijke normen zijn van invloed op hoe iemand omgaat met seksualiteit en daarmee ook op het seksueel verlangen.
Wie naar tevredenheid gemiddeld één keer per maand met zijn of haar partner vrijt, kan toch gaan twijfelen omdat die persoon eigenlijk vindt dat twee keer per week de norm is. Zeker wanneer mensen in de omgeving dat ook vinden.

Hoewel vaak gezegd wordt dat mannen een grotere seksuele behoefte hebben dan vrouwen, is dit niet onomstotelijk vastgesteld. Er zijn onderzoekers die suggereren dat de seksuele motivatie van vrouwen even sterk is als die van mannen, maar minder constant. Bij vrouwen lijkt de menstruele cyclus van invloed te zijn op de seksuele motivatie: in het midden van de cyclus is deze het hoogst.

Minder zin, hoe komt het?
Minder zin in seks kan vele oorzaken hebben. Het kan te maken hebben met relatieproblemen, zelfbeeld, ervaringen uit het verleden, lichamelijke klachten enzovoort. Veelvoorkomende oorzaken hebben te maken met stress en onvrede, angst of schaamte.

Stress en onvrede
Drukke bezigheden op het werk of thuis kunnen zin in seks verminderen. Vaak komt het verlangen weer terug in een nieuwe situatie, bijvoorbeeld tijdens een weekend weg.

In langdurige relaties is sleur een belangrijke oorzaak. Naarmate een relatie langer duurt, is het logisch dat de spanning van elkaar ontdekken en veroveren verdwijnt. Er ontstaat een bepaald patroon in het vrijen maar dit patroon kan na een tijdje het vrijen juist saai maken. Hierdoor kan de zin in seks bij een of beide partners afnemen. Wanneer iemand ontevreden is over zijn of haar partner, relatie of over de manier van vrijen van de ander, kan zich dit uiten in het onbewust onderdrukken van het verlangen naar seks.

Een veel gehoorde klacht in heteroseksuele relaties van vrouwen is dat mannen weinig aandacht besteden aan voorspel en een te doelgerichte vrij stijl hebben: erop en eraf. Een bekende klacht van mannen in hetero-relaties is dat vrouwen te weinig enthousiasme vertonen en moeite hebben om opgewonden te worden en te blijven. Maar ook andere gevoelens van ontevredenheid, irritatie, woede of vijandigheid naar de ander toe kunnen zin in seks met de ander onderdrukken. Bijvoorbeeld als een partner teveel alcohol drinkt of rookt. Ook de lichamelijke aantrekkelijkheid van de partner, bijvoorbeeld lichaamsgeur, hygiëne of gewicht, heeft invloed op zin in seks.

Angst voor seks
Ook angst voor seks kan mensen parten spelen bij het geen zin hebben om te vrijen. Een voorbeeld van angstgevoelens bij vrouwen is pijn bij het vrijen, waardoor een vrouw onbewust haar verlangen onderdrukt. Een bekende angst van mannen is dat ze geen erectie kunnen krijgen of behouden. Tijdens de zwangerschap kunnen vrouwen bang zijn dat door het vrijen het kind wordt beschadigd. Deze angst is ongegrond, want de vrucht is goed beschermd in de baarmoeder.

Angst voor seks kan ook ontstaan als gevolg van een negatieve lichaamsbeleving, bijvoorbeeld door een handicap of overgewicht. Vaak zijn mensen dan bang dat hun partner hen om deze reden afwijst en onderdrukken zij daarom hun verlangen. Bij sommige mensen herinnert het vrijen aan vervelende seksuele ervaringen, uit de jeugd of uit eerdere relaties. Angst voor herhaling van deze ervaringen kan eveneens een oorzaak zijn van een verminderd verlangen naar seks en lichamelijk contact.

Ook zijn er mensen die geen zin hebben om te vrijen omdat ze bang zijn dat ze de controle over zichzelf verliezen. Deze angst kan zich richten op het orgasme. Met name tijdens het orgasme reageert het lichaam zonder dat je dit kunt beheersen. Maar de angst kan zich ook richten op de toenemende mate van intimiteit en liefde of hun eigen lustgevoelens.

Schaamte
Tot slot zijn er ook mensen die zich schamen voor het plezier dat ze hebben in seks die anders is dan wat normaal gevonden wordt, Met 'normaal' wordt dan meestal heteroseksuele geslachtsgemeenschap bedoeld. Het vrijen als vrouw met een andere vrouw of als man met een man, het vrijen met meerdere partners, anale seks, sadomasochisme: voorkeuren die ‘niet normaal’ worden geacht, kunnen gevoelens van schaamte en angst oproepen als iemand merkt dat hij of zij dat eigenlijk heel lekker vindt. Dit kan tot gevolg hebben dat iemand de zin om te vrijen onderdrukt, uit angst voor het plezier dat hij of zij daaraan zal beleven.

Wat is eraan te doen?
Wanneer het verschil in verlangen als probleem wordt ervaren, is vaak de eerste stap om samen na te gaan wat mogelijke oorzaken zijn. Wanneer er sprake is van sleur, is het tijd om na te denken over nieuwe impulsen en het gebruikelijke vrijpatroon te doorbreken. Vrijen kan namelijk op veel verschillende manieren, plaatsen en momenten.

Wanneer het niet lukt om samen het probleem aan te pakken, is het raadzaam om hulp te zoeken. Afhankelijk van wat de oorzaak is kan medische hulp, individuele of relatietherapie of begeleiding door een seksuoloog helpen. De huisarts kan hierin doorverwijzen. Ook kunt u terecht bij een arts of hulpverlener van de Eerstelijns Centra voor Seksualiteit of een seksuoloog

Voor meer ie nformatikunt u klikken op de bronvermelding.